Van Sevilla naar Sevilla

Waddengeluidjes, ik hoor een scholekster, een wulp en een tureluur. Maar ook de roep van een bosuiltje in de verte. Zachtjes open ik het luik zodat ik ze beter kan horen. De volle maan schijnt vlak boven het bos en verlicht het hele strand. Zie ik daar nou een zwijntje? Nee het toch gewoon een struik. Iedereen slaapt nog en ik kruip weer lekker tegen Tess aan. Vandaag hoeven we er niet vroeg uit, in tegenstelling tot afgelopen dagen waar de wekker standaard om 5u ging. We hebben een afspraak met de vloedstroom voor een zetje in de rug zo rond 12u. Gisteren zijn we de rivier de
Guadalquivir opgevaren. De monding was behoorlijk onstuimig. En met de mooie zonsondergang op de achtergrond kwamen ook de snelle vissersboten naar binnen die ons vlaklangs passeerden en voor nog meer golfslag zorgde. Dag zee, dag zout, tot over een tijdje! Na een paar mijl werd het rustig. Rustiger dan we gewend waren, ook weleens lekker. Geen getrek aan landvasten, zelfs geen geklots, ons bootje ligt helemaal stil, jeetje dat is lang geleden.

De aankomende twee dagen gaan we naar Sevilla varen. We doen het lekker rustig aan zodat we optimaal gebruik kunnen maken van vloedstroom mee en niet tegen de stroom in hoeven te varen. De afspraak voor de sluis en brug zijn al gemaakt. Ik kijk er naar uit om straks weer terug te zijn.

Drie weken geleden waren wij drieën dus ook in Sevilla. Ik was vooruit gereisd met de meiden om ze alvast op school te laten beginnen. Het waren leuke weken in de airBNB. De meiden hadden het naar hun zin op school. En mijn ouders kwamen langs, ze verbleven bij ons in de airBNB. Het werd een gezellig lang weekend. Als de meiden naar school waren gingen opa en oma er zelf op uit. In recordtempo bezochten ze alle bezienswaardigheden van Sevilla. Om dan rond half 4 weer terug te zijn als de meiden naar huis kwamen. In het weekend gingen we met z’n allen op pad. Zij met de metro en ik met de meiden op de fiets. Naar het park van Maria Louisa, het plaza de España. Lekker naar de straatmuzikanten luisteren. En omdat het bovenaan het verlanglijstje stond van Yolien, met z’n allen een toeristisch rondje in een paardenkoets. Het viel me op hoe fit mijn ouders nog zijn. Inmiddels toch al in de 70 maar energie genoeg om de hele dag door de stad te trekken en dan bij thuiskomst ook nog boodschappen te gaan doen en met de meiden te spelen. Iets om dankbaar voor te zijn.

Op dezelfde dag dat mijn ouders naar huis gingen, kwamen Erik en Midas weer terug. Helaas liepen ze elkaar door het tijdverschil net mis. Dat was jammer. Maar het was heerlijk om Erik weer terug te hebben. En ook met Midas, die een paar dagen bleef logeren, was het gezellig. Muzikale avonden volgden en aan het eind van de week ging Midas met z’n fiets richting Malaga en wij met de auto naar Peniche waar de boot lag.

Het was jammer dat Erik en Midas niet helemaal tot Sevilla konden komen in de tijd die we ervoor gepland hadden. Maar er waren ook weer voordelen. Zo kregen de meiden en ik toch nog wat te zien van Portugal, een land wat wij anders helemaal overgeslagen zouden hebben. In Peniche barste de stormen weer los. Enorme golven van wel 6m klaterden tegen de havenarm aan. Het was wederom een spektakel om te zien en we zaten regelmatig op het dek te genieten van het bijzondere uitzicht.
We hadden na aankomst in Peniche de auto nog een paar daagjes langer gehuurd omdat we toch niet weg konden in dit weer. De tijd dat we moesten wachten op beter weer gebruikten we om wat van de omgeving te zien. We reden naar het iconische Nazaré. Bekend van de enorme monstergolven en de daredevils die het in hun hoofd hebben gehaald erop te surfen.

De golven, die hier wel een hoogte tot 24m kunnen bereiken worden veroorzaakt door De Nazaré Canyon. Dit is een onderzeese trog vlak voor de kust. Het is de grootste onderzeese trog in Europa met dieptes van ongeveer 5.000 meter (16.000 ft) en een lengte van ongeveer 230 kilometer (140 mijl). Vanwege deze trog kunnen golven zich met een veel hogere snelheid verplaatsen door de geologische breuk, en bereiken de kust vrijwel zonder energieverlies waardoor ze aanzienlijk groter zijn dan aan de rest van de Portugese kust.

Golven van 24m surfen, “kan jij je het voorstellen?” vraag ik aan Eer. “Dat moet wel heel bijzonder zijn, en heel beangstigend”, “mij niet gezien haha”. Na Nazaré bezoeken we de broer en schoonzus (en mijn voormalig yogalerares) van Midas die onlangs naar Portugal geëmigreerd zijn. Ze hebben een prachtig huisje met een enorme tuin vol kruiden en groenten waar de meiden even lekker in kunnen rondstruinen. Het is leuk om ze weer te zien en ze lijken helemaal happy in hun nieuwe thuisland.

De volgende dag bezoeken we Lourinha. De geologische formatie van Lourinha is erg fossiel rijk, er is met name veel gevonden uit de late Jura. Naast veel botten was één van de belangrijkste vondsten een nest met meer dan 100 dino eieren. Logisch dus dat hier een groot dinosaurus park gevestigd is waar ze 200 modellen van dino´s hebben op schaal. De dino´s staan verspreid in een heerlijk pijnbomenbos dus we combineren het meteen met een boswandeling. De meiden kijken hun ogen uit. “ Waren ze echt zo groot mama?” “Wauw”.

Op de laatste dag dat we de auto hebben rijden we naar Lissabon. Om eigenlijk niks anders te doen dan lekker in de vintage trammetjes uit 1930 te zitten. Er valt ongetwijfeld een hoop meer te zien maar met twee kleine kinderen zo´n stad door sjouwen zien we niet zo zitten. We kiezen voor lijn 28, de meest toeristische maar toch ook de leukste, want de enige die door de binnenstad gaat. We moeten ruim drie kwartier wachten, maar net als de meiden vervelend beginnen te worden mogen
we eindelijk instappen. Zodra we de charmante tram instappen gaan we terug in de tijd. Het houten interieur, de raampjes die je omhoog kan schuiven, het gepiep en gekraak als de tram in beweging komt, geweldig! We pikken het voorste bankje in en ik haal wat te drinken en het doosje met meegenomen pastel de nata´s uit m´n tas. Ondertussen slingert de tram omhoog door de smalle middeleeuwse straatjes. Mooi betegelde gevels flitsen voorbij. We hebben een raampje open geschoven en de meiden genieten zichtbaar van het ritje. De kinderhand is soms snel gevuld. We
blijven lekker zitten tot het eindpunt en nemen dezelfde tram gewoon weer terug.

Als na een week het weer eindelijk opklaart grijpen we onze kans. Het lijkt dagenlang mooi weer te worden. “Wie weet kunnen we nu in één ruk doorvaren naar de riviermonding” Opper ik. Maar helaas, een lagedrukgebied schampt nog net even de kust van Portugal en na twee dagen slaat het weer toch om. We blijven een paar dagen liggen in Oeiras. Een aangename haven met rotsblokken vol met marmerkrabbetjes die voor een hoop vermaak, en lesstof zorgen. Een fijne boulevard om te skaten en gezellige terrasjes. Voor het eerst is het weer eens zo warm dat we op het dek kunnen
picknicken, zalig! Dan volgt er weer een opening, deze keer lijkt het wel langer goed te blijven. We komen steeds dichter bij de orka-hotspots en dus is wordt het ook steeds belangrijker dat er geen golven staan. Geen golven betekend dat we binnen de 20m. diepte lijn kunnen blijven. Staat er ook maar iets te veel golfslag dan slaan de golven daar om en is het te gevaarlijk. We laden de boot vol met proviand en diesel. Lopen alles nog eens na en vertrekken de volgende ochtend met de nautische schemering. In een paar lange dagen zijn we bij de kaap van Sagres, het meest zuidelijke punt van Portugal. Als we voorbij de vuurtoren varen slaak ik een kleine zucht van verlichting. Eindelijk de hoek om. De zee hier is een stuk rustiger. De opgelaten stemming slaat wel weer een beetje om, als we die avond in de mooie ankerbaai het bericht krijgen dat de orka´s weer gezien zijn. Vlakbij, bij Albufeira. Precies waar wij nou morgen naartoe moeten. “het gatver, lekker dan”.

We besluiten toch door te varen. Het weer is zo goed dat de 20m. lijn makkelijk te volgen is. Op twee kleine stukjes na zou het geen probleem moeten zijn. We blijven in contact met de andere zeilers van het gebied via de orka-app groep en we zijn niet de enige die doorvaren. Wachten heeft ook weinig zin, ze kunnen 50NM per dag zwemmen maar soms blijven ze ook dagen op dezelfde plek. Spannend is het wel. Ineens lijkt alles op een rugvin. De zuidkust van Portugal is prachtig. Bij Lagos stoppen we om te tanken en varen langs het prachtige Dona Ana Beach. Lagen karst, kalksteen en slechte cementatie zorgen voor een bijzondere instabiliteit van de kliffen. En dus voor prachtige pilaren, bruggen en grotten. Wat had ik graag mijn kano opgeblazen om hier doorheen te varen. Maar helaas is daar geen tijd voor. We moeten verder want het weervenster sluit en onnodig lang in orka-gebied rondvaren lijkt ons ook geen goed plan.

Die avond zijn we maar wat opgelucht als we voor anker liggen. Geen orka´s gezien. Helaas zijn ze ook niet door andere boten gezien en heeft dus niemand een idee waar ze nu zijn. De volgende dag is weer een lange, spannende dag die eindigt in Parque Natural da Ria Formosa. Een “waddengebied” onder Fado. We slapen wederom voor anker in een schitterende baai. Honderden vogels om ons heen, maar de flamingo´s blijven helaas uit. De orka´s gelukkig ook.

Door naar de grens van Portugal/Spanje. De grens is een rivier, de Guadiana. “ Wil je al naar Spanje of nog één nachtje in Portugal blijven?” vraagt Erik me. Lastig lastig, maar de pastel de nata blijkt de beslissende factor. De haven van Santo Antonio is een ramp om in te komen. De stroming is er vreselijk sterk. Maar het lukt, alleen eenmaal met veel moeite aangelegd blijken we op de seizoensplaats van iemand te liggen. Gewoon aan de passantensteiger maar toch. De havenmeesters hebben wat moeite om het duidelijk te maken, ze spreken geen Engels. Ze houden voortdurend hun telefoon met google translate voor mn neus waar we in moeten praten, op het scherm kan ik zien dat hij totaal iets anders verstaat, maar uiteindelijk begrijpen we elkaar. Gelukkig zijn de havenmeesters coulant en hoeven we niet nog eens te verplaatsen en het aanleggen over te doen.

Omdat we al dagen non-stop onderweg zijn besluiten we even een dagje uit te rusten. Het is Valentijnsdag. We halen nog meer pastel de nata en ik weet op het laatste moment voor iedereen een klein cadeautje te scoren in de vele schattige winkeltjes van Santo Antonio.

Voor de laatste etappe vervangen we de Portugese vlag voor de Spaanse. De stroming is wederom enorme sterk en we varen dwars de haven uit. Dag Portugal, we hebben genoten! De orka´s zijn weer gezien. Ze waren nog steeds op dezelfde plek dus we zijn ze gewoon voorbij gevaren blijkbaar.

Inmiddels zijn we buiten hun bereik. Het laatste stuk naar de riviermonding is het prachtig weer, volop zon en met de genaker op voeren we ruim 7 knopen. De meiden en ik doen gekke dansjes in de kuip om onze energie kwijt te raken. Champagne sailing naar de Guadalquivir voor onze welverdiende “pauze” in Sevilla.

Eén reactie op “Van Sevilla naar Sevilla”

  1. Kees avatar
    Kees

    Wat weer een leuk verhaal. Ja die fitte ouders waren natuurlijk wel moe toen ze thuis waren.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *